De groep van rijke landen, de G-8, heeft onder aanvoering van de Amerikaanse president Obama gezorgd voor een belangrijke koerswijziging in de armoedebestrijding.
Niet alleen beloofde de G-8 in juli 20 miljard dollar extra voor armoedebestrijding, er komt bovendien een nieuwe strategie om dat geld uit te geven: aan het verbeteren van de landbouw in de Derde Wereld. En dus niet aan voedselhulp. Dit betekent dat Afrikaanse en Aziatische boeren zelf het geld krijgen om meer en betere gewassen te verbouwen. Nu gaat veel geld nog naar westerse boeren die met subsidies voedsel produceren voor export naar arme landen. 'Voor het eerst helpen we mensen in arme landen om daadwerkelijk hun eigen voedsel te verbouwen', zegt topman Jacques Diouf van de FAO (de voedsel en landbouworganisatie van de Verenigde Naties). 'Deze nieuwe strategie is de grootste ommekeer in twintig jaar tijd.'
Zowel Amerikaanse als Europese regeringen verzetten zich al jaren tegen het schrappen van subsidies aan 'hun' boeren, waarmee deze kunstmatig hun overproductie in stand konden houden om die vervolgens spotgoedkoop te dumpen op de wereldmarkt, iets wat vooral boeren in arme landen de pas afsneed.