De nieuwe methode meet niet alleen de meetbare verschillen tussen rijk en arm maar neemt ook de omvang van de economie van het land in het verhaal mee. 'In een groot land is het verschil tussen rijk en arm altijd groter dan in een klein land omdat er nu eenmaal meer rijkdom is te verdelen', zeggen de onderzoekers, verbonden aan onder meer de Wereldbank en Harvard.
De ouderwetse meetmethode gaat uit van gemiddelden, waardoor kleine groepjes ultrarijken het gemiddelde van hun straatarme land enorm kunnen opkrikken. In de nieuwe methode zijn sommige grote landen ineens veel meer gelijk dan we dachten. China en Rusland, bijvoorbeeld, zijn de afgelopen twintig jaar sinds de introductie van de vrije markt, gelijker geworden. Volgens de oude maatstaven was de ongelijkheid in deze landen onder druk van de markt juist toegenomen.